zondag, november 06, 2011

geen goede avond

Waarom we toch blijven gaan, willen ze weten in de kroeg. Thuis in Den Haag. Na afloop. De avond was veelbelovend begonnen op HS met een man die ons zijn bierbuik liet zien, het Feyenoordlogo er groots op getatoeƫerd. 'Ja, ik ben ook een fan,' waren de begeleidende woorden. Zaten wij met onze sjaaltjes.

Na de wedstrijd reden eerst de trams en daarna ook de treinen niet. Heel Rotterdam was tot stilstand gekomen. Iemand was voor de trein gesprongen. Of een schietpartij. Of iets. Gescheld. Harde grappen. Gezellig was het niet.

De kenner tegenover mij mopperde: 'die Klassie waar iedereen het over heeft, ik zie het niet, dat is gewoon een hele gewone voetballer.' Voor de vorm meldde ik hem dat Clasie ook vandaag zo'n beetje de enige was die bij tijd en wijle tempo in onze aanvallen bracht. 'Nee. Een heel gewone voetballer, die Klassie. Komt van Excelsior. Dan weet je het wel.' Tuurlijk.

Moegestreden bereiken we de stad. In de kroeg zitten meisjes. En dat hoort zo. Dat is goed. In jurkjes ook. En met neusjes. En je kunt het wel verklaren, maar het is zo; en daar gaat het toch maar om.

donderdag, november 03, 2011

Fin

Rij 3. In het midden. En Micha Maisky, 3 rijen naar voren, maar vechten met die cello. We horen hem puffen, zwoegen, de vingerzetting, we ruiken het zweet dat hij met een doekje dat achter zijn instrument hangt, wegveegt. De gedistingeerde dirigent Jarvi, een kruising tussen Hitchcock en Churchill, maant hem twee, drie keer met een haast onzichtbaar gebaar tot kalmte. Maisky zwoegt voort. Dvorak. Al moet ie er dwars doorheen. Die cello gaat eraan.

Toegift. Tsjaikovski. Rust.

En dan mag het Residentie Orkest solo. Sibelius 5. We duiken in duizend Finse meren. Koel. Fris. Wij zijn Fin. En de enige echte Fin danst op de bok. Sibelius rockt. Pizzicato.

de kinderboerderij