zaterdag, maart 26, 2011

moeder, dochter, een makreel, de kelder en de levende


Moeder en dochter. Beiden berijden een brommer van het merk Tomos. Met kleine hupjes rijden ze de stoep op en parkeren hun bolides voor Peters Vis- en Snackpaleis. Moeder draagt een lange leren jas die tot haar enkels reikt. Het permanent van de dochter vormt een blonde aureool van krullen. Kort na elkaar betreden ze de keet van de visboer. Buiten, op de Laan van Meedervoort, wacht een lange rij auto’s voor het stoplicht. Binnen glimmen de zilveren schubben in het ijs.
‘Wat mag het wezen?’ wil Peter weten. Hij grijnst naar de dochter. De moeder heeft zich over de vitrine gebogen. Met een lange nagel wijst ze op een makreel.
Gewapend met een blauwwitte plastic zak met daarin de dode vis bestijgen de dames hun Tomos. Venijnig trappen ze de bromfietsen aan en rijden, achter elkaar aan, de Azaleastraat in. Op het Goudenregenplein parkeren ze allebei aan de andere kant van de weg. Het is vrijdagmiddag. Het miezerregent. Moeder wandelt IJzerhandel Roos binnen, de dochter Gall & Gall. Bijna tegelijk komen ze weer naar buiten. Een doos Duitse witte wijn. Hamer, beitel, houtschaaf, nijptang, spijkers, waterpomptang en bijl. De zijtassen van de metallicblauwe brommers raken vol.
Hup hop. Van de stoep de weg weer op. De krullen van de dochter, de lederen jas van de moeder, ze wapperen boven de uitlaat. In de kelder van hun flat wacht het avontuur. De levende. Makreel. Witte wijn. Gereedschap. Het wordt een fijn weekeinde.

zondag, maart 20, 2011

Hoek van Holland

Wat is dat toch? Op de heenweg is het windstil. Ik ben nog niet omgekeerd of het begint te waaien. Tegen. Gisteren heb ik voor het eerst weer wat kilometers gemaakt op de gitzwarte Sensa Prima. En zo koninklijk als ik richting Hoek van Holland reed zo onderdanig reed ik terug naar de residentie.

En al met al is dat twee keer een kippeneindje.

Onderweg rijden oude mannen met dikke kuiten en smalle billen me aan alle kanten voorbij. Ik probeer intussen stoer wat snot uit mijn neusgaten te blazen. Het mislukt. Heerlijk dat mijn seizoen is begonnen. Tussen Milan en San Remo razen de mannen urenlang 40 in het uur. Ik zak bij Monster onder de 28. En de wind trekt nog steeds aan. Den Haag is nog ver.

dinsdag, maart 08, 2011

een huis met een zwembad

Een tijd terug schreef ik een blog over Het Diner. Vandaag kan ik min of meer hetzelfde schrijven over Kochs nieuwste roman. Wat goed is aan het Diner is ook goed aan Een Zomerhuis...; en wat slecht is aan...

Wellicht ontbreekt het mij aan goede wil, maar ik kan er niet bij dat het zelfs maar geloofwaardig zou kunnen zijn dat een karakter dat over alles en iedereen een moreel oordeel velt zelf amoreel gedrag vertoont, let wel: zonder daar ook maar iets van te vinden, of er een opmerking aan te wijden. Het irriteert mateloos. Het klopt niet. Verteller Marc vindt het 'vies' dat een andere man verlekkerd naar zijn vrouw kijkt en heeft zelf een affaire met een andere vrouw. Een meisje trappen mag niet, maar als huisarts patiënten belazeren (met alle gevolgen van dien), dat mag dan weer wel. En zo gaat het maar door.

Marc is erg ingenomen met zichzelf. Een vervelende kerel. En iedereen vindt hem fantastisch. Waarom wordt nergens duidelijk. En waarom al die pagina's om uit te leggen dat pedofilie fout is?

En verder... op een los eindje hier en daar na ... een heerlijk boek dat leest als een trein. Koch zit erop. Hij moet wel blijven oefenen.