vrijdag, september 26, 2008

de familie Avenier

”Wij allemaal, zoals we hier bij mekaar zitten, personeel en relaties, wij kunnen met een gerust hart zeggen: wij zijn witgoedspecialisten, of zoals wij dat op de Lionsclub noemen, connaisseurs, witgoedconnaisseurs.”

De familie Avenier is op verzoek van Janus, de 'witgoeddictator', bij elkaar gekomen om het familiekapitaal te verdelen. De motieven van schrijfster Maria Goos zijn bekend, het mag dan ook geen verrassing heten dat het geld verdwenen is door een belegging in een Oegandese melkpoederfabriek. Nieuw geld verdwijnt net zo makkelijk als Oud Geld. De hebzucht, woede en teleurstelling van de familieleden op de camping is zo vermakelijk dat dit deel bijna een klucht wordt. 'Ik ben geen dictator!' brult Marcel Hensema in een onbedoelde Hitler-imitatie.

In het slotdeel is er geen decor meer. We zijn in het hoofd van de dementerende tante Rita beland. Alle karakters, gestorven, komen, prachtig geënsceneerd voorbij en bespreken hun leven in snelle, scherpe dialogen. Allen hebben op de een of andere manier het geluk gevonden. De verhalen zijn mooi als wordt geconstateerd dat de 'allesverslindende liefde' ook niet alles is.
'Ik had dat met Peter,' zegt Toos, 'en ik mocht hem niet eens.' De ware liefde, dat is een andere, een liefde die we pas veel te laat herkennen. De liefde voor de persoon met wie we ons leven hebben gedeeld. En zo wordt het wat obligaat. Een beetje reflectie is aardig, maar je kunt ook overdrijven.

Gelukkig zijn Marcel Hensema, Carine Crutzen, Gijs Scholten van Asschat, Peter Blok, Tjitske Reidinga en de hunnen zo akelig goed dat van een nachtkaars geen sprake is. 'Jullie gaan er zeker ook vandoor,' zegt de stervende tante Rita vanuit haar scootmobiel tegen de zaal, en dan met ironie: 'Zeker nog even wat drinken.' En zo was het.

maandag, september 22, 2008

de klassieker

De klassieker. Dat is andere koek. Het zindert. Het golft. Het kolkt. In de aderen. In de Kuip. Geen ander moment in het seizoen is Feyenoord zo Feyenoord als tijdens de klassieker. Opgestroopte mouwen en er bovenop.

Het was mijn zesde in de Kuip, de zevende in totaal. Het seizoen dat we twee keer van Ajax wonnen zat ik ook in de Arena. Doodstil te juichen tussen de thuissupporters.

Er is geen wedstrijd in het seizoen die de vergelijking aan kan. Het is nauwelijks uit te leggen. Bij een doelpunt weet je van gekte en geluk niet hoe hard je moet schreeuwen. Volslagen vreemden vallen elkaar in de armen.

Studio Voetbal liet gisteravond de juichende Ajax- en Feyenoordsupporters na de doelpunten zien. 'Het leek wel of ze zojuist de Champions League hadden gewonnen,' zei Martijn vanmorgen bij de koffieautomaat.

Dat hadden we ook, Martijn, dat hadden we.

zaterdag, september 20, 2008

pleinvrees - Nationale Toneel

In Londen is het vinden van een huis een onmogelijkheid. 'Het moet een vierkamerappartement zijn,' zegt de yuppendame. 'Mijn man moet een studeerkamer hebben. God weet waarom.' Zij is degene die werkt. Hij hangt de hele dag in de bar van een sjiek hotel. De barman daar verzorgt thuis zijn oude, norse vader en wordt daarbij geholpen door een nachtzuster die overdag bij een makelaar werkt. U raadt al welke. Diens eenzame zus papt het later aan met de bartijger.

Pleinvrees van de Engelse schrijver Alan Ayckbourn is toneel zoals we dat kennen uit de film Magnolia. Meer en meer vallen de verhalen en personages in elkaar. In het tweede deel zapt het publiek, dankzij een helder, maar ingenieus decor, in een moordtempo van scène naar scène. De wat trage start is vergeven en vergeten.

Een tragikomedie. Zes karakters en de stad, nummer zeven, speelt de hoofdrol. Die lijkt iedereen eenzaam te maken. Het is heel verdrietig, maar ook erg grappig. Als de bloedreligieuze nachtzuster, van wie we net weten dat ze ooit pornoster was, de oude, klagende man met vaseline en zweep te lijf gaat bijvoorbeeld, maar tenslotte toch overwint de stad en zitten zes mensen vlak naast elkaar, allemaal even onbereikbaar, volslagen alleen te zijn.

maandag, september 15, 2008

Oosterwei

Bij ons heette het al Klein-Marokko. We kwamen er eigenlijk nooit. Hadden er ook niks te zoeken. Behalve in de winter. Dan fietste ik er elke vrijdagavond dwars doorheen. Zo hard als ik kon. Erachter lag tennisvereniging Be Quick en die hadden 's winters een luchtballon over baan 1 en 2. Onze club, De Sluijpers, had dat niet.

Soms werd ik tussen de flats van Oosterwei nageroepen. 'Kakker!' Daar hadden ze wel een punt. Een keer werd ik door een zwarte Nissan aangereden. Ik had een walkman op en geen licht op mijn fiets, maar hield tegen de politie stug vol van wel. Mijn vader kwam me met de auto halen. De fiets was zo total loss dat ie met gemak in de kofferbak paste.

Mijn jeugd in Gouda was blank als melk. Op de basisschool, op de tennisvereniging, in de straat, de wijk, op de middelbare school, nergens een Turk of Marokkaan te bekennen. Die zaten met z'n allen in één wijk in de stad bij elkaar. Dat moesten wel vreemde mensen zijn.

Vandaag lees ik in de krant dat Connexion sinds kort haar bussen om Oosterwei heen laat rijden. De kleine Sluijpertjes hoeven dat niet meer. Hun club heeft al jaren een eigen tennishal.

vrijdag, september 12, 2008

botboor

De lamp is van Denta Flex. De tl-balken erboven van Philips. De tandarts heeft een ringbaardje en een Duits accent. 'Beetje lauten,' zegt hij. De assistent, een man, heeft stekels en draagt een designbril. Na een kwartier wordt duidelijk dat mijn verstandskies geen afscheid van mijn kaak wenst te nemen. Vanzelfsprekend beschikt het ding niet over een eigen wil. De assistent suggereert van wel: 'wat een krengetje'.

'Pak jij even de botboor?'
Het is machtig mis. Ik sluit mijn ogen. In mijn mond hangen nu twee zuigbuisjes tegelijk. Het is oorlog daarbinnen.

Trekken en rukken. De tang erop. Tot twee keer toe schiet de Duitser uit. Het is een klein wonder dat ik de rest van mijn tanden behoud. De kies wordt in drie stukken gezaagd, vertelt de assistent me nu. Dan gaat het vast lekkerder. Mijn overhemd plakt aan mijn lijf.

Een voor een vallen de stukjes in het ijzeren bakje.
'En hoe voel je je?' vraagt de designbril als ik overeind ben gekomen.
'Dustin Hoffman,' mompel ik met een mond vol watten.
De tandarts lacht niet, zegt dat ik even geen alcohol mag drinken. 'En ook een week vorsicht met sportliche aktivitäten."

Met een minzaam lachje, mijn linker mondhoek weigert dienst, wens ik de weissen Engel een goed weekeinde.
'Du auch,' zegt hij en wast zijn handen.

dinsdag, september 09, 2008

post

Beste Michiel,
 
In een begeleidend schrijven heb je ons laten weten dat je diploma onvindbaar is. We hebben je diploma echter wel nodig om je toe te kunnen laten tot de opleiding die je wilt gaan volgen. Wellicht kun je contact opnemen met de faculteit waaraan je hebt gestudeerd om na te gaan of je via hen nog een kopie van het diploma kunt bemachtigen.
 
Ik vertrouw erop je hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

Geachte dame, heer,

Vanzelfsprekend ga ik mijn best doen het diploma bij de faculteit op te duikelen, maar graag wil ik ook duidelijk maken dat ik, enigszins radeloos inmiddels een, al is het maar een voorzichtige, toestekende hand van het Bureau Inschrijving op prijs zou stellen.

Half juni heb ik me voor het eerst ingeschreven en dankzij allerlei gedoe met het systeem van de HU, en alleen de Lieve Heer weet wat nog meer, is het bureau, na eindeloos ge-e-mail, gebel, herinschrijvingen, meer gebel, gedoe en een vruchteloos bezoek aan jullie kantoor mijnerzijds, er begin september in geslaagd mij daadwerkelijk als student in te schrijven. Die eindeloos voortslepende aanmelding zorgde ervoor dat ik schandalig beroerd voorbereid, als verstekeling, mijn eerste colleges volgde.

Nu ik bewijs een kneus te zijn door mijn oude diploma te doen hebben laten verdwijnen, verzoekt u mij om dat diploma boven tafel te krijgen bij het instituut waaraan ik het heb behaald, hetzelfde instituut als waaraan ik hoop te mogen gaan studeren, hetzelfde instituut als waaraan u werkzaam bent. De Kafkaiaanse wereld heeft een zekere appellerende kracht, maar er komt een moment in ieders leven waarin hij gewoon aan zijn nieuwe studie wil beginnen. Geachte dame of heer, vertrouwt u erop dat u mij voldoende heeft geïnformeerd en staat u mij toe te hopen dat dit wederzijds is.

Hoogachtend en met vriendelijke groet,

Xander Michiel Beute

zondag, september 07, 2008

Klaas Gerard loopt

Meneer is tweevoeter geworden. Hij had er haast mee. Een week geleden zette hij zijn eerste twee pasjes. Vandaag al maakt hij volledige wandelingen door de huiskamer. Met zichtbaar genoegen. Wat gaat dat hard. Feyenoord zal nu wel snel bellen.

beginnen

Lessen voorbereiden. Dat is eigenlijk het enige dat je aan het einde van een lange zomer niet gemist hebt. Komt er nog huiswerk van de Hogeschool bij ook. Benjamin Herman speelt saxofoon. Het regent. Letter & Geest is ongelezen. Discipline, Beute, discipline. Nog zes weken. Dan begint de herfstvakantie.