maandag, april 30, 2007

Gemeentemuseum

Trouw, de beste krant van Nederland, organiseert na de verkiezing van het mooiste schilderij nu de verkiezing van het mooiste gebouw van Nederland. Zo'n toestand is eigenlijk vrij onzinnig. Dat bleek al uit de all-time boeken top tien die de NRC door het volk bij elkaar liet stemmen. Kader Abdollah op twee. De goede naam van Nescio is zelden zoveel geweld aangedaan. Ook bij het kiezen van een schilderij komen er nogal wat problemen om de hoek kijken: hoe vergelijk je bijvoorbeeld "het meisje met de parel" (de uiteindelijke winnaar) met de "victory boogie woogie"? Wie het weet, mag het zeggen. Toch heeft het ook iets lekkers. Even lekker mijmeren. Wikken en wegen. Bij popmuziek is het de normaalste zaak van de wereld om een toplijstje te maken, dan moet het bij schilderijen, boeken en gebouwen ook kunnen. De winnaar wordt natuurlijk het Gemeentemusem van Den Haag. Daar mag geen twijfel over bestaan. Dat komt ook omdat het zo lekker de ruimte heeft. De Beurs (ook) Van Berlage kun je in een oogopslag niet zien, de entree is karig en zo gewoontjes aan straat. Nee, dan het Gemeentemuseum, alleen al in de entree kun je een dag doorbrengen, de wandeling naar de ingang is een sensationele belevenis, binnen en buiten is elke vierkante centimeter eenvoudigweg volmaakt mooi. De heer Berlage beschouwde het Gemeentemuseum als zijn ultieme meesterwerk. Hij had smaak. Wie een mooier gebouw in Nederland kent, moet het maar zeggen.

maandag, april 23, 2007

einde van het seizoen

De zon scheen. Het bier smaakte. Tot zover het goede nieuws. Lang geleden hadden we afgesproken dat we na de laatste thuiswedstrijd van het seizoen op de Coolsingel tegenover het stadhuis een pilsje zouden drinken. Huldiging of niet. Welnu, het balkon bleef leeg. Dat was 33 wedstrijden terug, uit tegen Groningen, al duidelijk. Dat we echter nog het risico zouden lopen om 8e te worden, kon toen geen mens bedenken. Onterecht is het niet. NEC (11e plaats) deed gisteren geenszins voor onze club onder. Integendeel. Tegen zoveel ellende valt niet op te praten of drinken. De analyses vliegen je om de oren. In donkere tijden slaagt iedereen erin een oneindige lijst aan doemscenario's te bedenken, zo was het nog geen jaar geleden bij Ajax ook, en zie... Ten Cate denkt dit jaar nog kampioen te worden. Nou dan, wij volgend seizoen. Nippend aan een pilsje en met het oog op het lege balkon konden we het ons, eerlijk gezegd, niet voorstellen.

vrijdag, april 20, 2007

een man in de tuin

Tijdens het surveilleren kun je natuurlijk opletten of de kindertjes niet bij elkaar afkijken, maar het leent zich ook bijzonder goed voor het lezen van poezie. "Een man in de tuin" van Rutger Kopland. Al twee jaar heb ik de bundel in mijn bezit en eigenlijk vond ik er nooit veel aan. Te uitleggerig, behaagzuchtig bijna. Vanmorgen bleek dat ik er helemaal naast zat natuurlijk. Kopland wordt alsmaar duidelijker. De gedichten in deze bundel zijn bijna proza. Kopland converseert met de lezer, maakt het gezellig, zet je aan het denken, aan het kijken, maar dan steeds net even anders dan je gewend bent en hij maakt kleine grapjes. Geen dichter kan zo terloops dichten. Het is alsof alles wat er staat tussen neus en lippen wordt medegedeeld, maar het is raak en mooi. Heerlijk gesurveilleerd. Vanavond moet er opnieuw gesurveilleerd worden, maar dan op het feest. Dat is andere koek. Blaak, die mij de Koplandbundel cadeau deed omdat het koud was buiten, kleedde zich vorig jaar precies goed voor de gelegenheid.


Ten slotte kwam het gesprek op het mooiste
voorbeeld van vereniging van materie en geest
geest en materie: de mens inderdaad
we hadden gedronken natuurlijk

iemand bekende dat hij in de mens toch
eigenlijk altijd ergens de mens probeerde
te vinden, daar ging het hem om
of we hem konden volgen

het was al laat maar we probeerden niet
al te hard te lachen - hij leek het te menen

(fragment uit: II - de mens is een mens)

dinsdag, april 17, 2007

Erwin Olaf

Het is Edward Hopper. Een foto van Erwin Olaf. Die bomen achter het gordijn zijn belangrijk, vertelde hij gisteravond bij Pauw & Witteman. Het wordt er nog droeviger van. Olaf ensceneert verdriet, en vooral eigenlijk het moment vlak daarvoor, het moment dat iemand zich afwendt. Het boek heet Grief. Veel van de foto's zijn op Internet te zien (www.erwinolaf.com).

maandag, april 16, 2007

Epe

Epe ligt niet aan de andere kant van de wereld. Er is desalniettemin geen teletekst en nauwelijks bereik. De Paus, Kompanus, de Tank en ondergetekende zitten op het terras. Op het veldje achter ons huisje hebben we zojuist de Epe Open gespeeld. Badminton. Vier deelnemers. Onduidelijke winnaar. Je hebt een competitie, uit- en thuiswedstrijden, play-offs, poulewedstrijden, de beker, kruisfinales en dan gaat het alleen nog maar om de singles. Epe is hard werken. Grolsch is lekkerder dan Heineken. Mooier om naar te kijken ook. De Tank laat een scheet. De klaverjasstrijd staat op het punt van beginnen. De barbecue staat klaar. Het bier koud. Het leven is soms volmaakt. Zonder voetbaluitslagen. In Epe.

donderdag, april 12, 2007

in cold blood

Fantastische cover, maar dat terzijde. Wat het meest opvalt, is dat het volk teleurgesteld is. De moord op de familie Clutter (Holcomb, Kansas, 1959) is niet gepleegd door iemand uit het kleine dorp, noch is de familie uitgemoord om een oude vete. Het waren twee doodgewone boeven die de familie wilden beroven. Dat liep uit de hand. Perry Smith en Dick Hickock vonden in het huis van de rijke boerenfamilie Clutter nauwelijks geld. Ze bonden de vier familieleden vast in verschillende kamers. Perry Smith schoot ze uiteindelijk alle vier door het hoofd, nadat hij eerst de vader zijn keel doorgesneden had. Het waarom is bijna beangstigend. Hij had ruzie met zijn maat, Hickock, vond hem een watje en wilde hem dat laten zien ook. En verder zei hij over de familie Clutter: "I didn't have anything against them, and they never did anything wrong to me---the way other people have all my life. Maybe they're just the ones who have to pay for it." Smith en Hickcock verlieten het huis met iets meer dan veertig dollar. Nog een bizar detail: Perry Smith haalde een matras voor de vastgebonden Clutter zodat hij niet op de koude grond hoefde te zitten.
Toen maanden later bekend werd dat deze twee mannen de daders waren, wilde men het niet geloven. Alle samenzweringstheorieen, waar de mensen maar wat graag in hadden geloofd, bleken onzin.
Een aantal jaar geleden werkte ik aan de bunndel "Mensen Gevraagd". Mijn werk bestond uit het interviewen van nabestaanden van mensen die waren vermoord. Daarna maakte ik er verhalen van. Bij iedereen was er datzelfde ongeloof. Hoe kan iemand vermoord worden omdat een ander een slechte dag heeft? Omdat hij gewoon op het verkeerde moment op de verkeerde plek is? Men wil niets liever dan dat er een reden voor was, iets wat, hoe vreemd ook, te begrijpen of tenminste te beredeneren valt. Meestal bestaat zo'n reden niet. Het gebeurt gewoon. Moord. Dat is het absurde.

woensdag, april 11, 2007

de Romereis (column U-blad)

Carabinieri zijn de Belgen van Italie. Er is geen Italiaan die geen grap over hun domheid weet te vertellen. Wanneer je te dom bent om tandpastadopjes aan te draaien of het park te harken kun je altijd nog carabiniere worden. De gymnasiasten met wie ik deze week in Rome ben, brengen hun avonden door in kleine restaurantjes op de Campo dei Fiori, lui hangend op de Spaanse trappen, bij de Trevifontein of op het bruisende Piazza Novana. De carabinieri houden de vrolijke, drinkende menigte in de gaten. Volle terrassen. Muzikanten. Onze leerlingen, ze zijn allemaal verliefd, op deze stad, het leven en elkaar. De politiefanfare heeft vanavond iets te vieren. In hun prachtige kostuum staan ze netjes opgesteld en spelen de Bolero van Ravel. Sophie, het mooie blonde meisje uit 5A danst in de armen van een bejaarde, galant geklede Italiaan. Haar glimlach maakt het halve plein gelukkig. Hoog boven haar op de facade van haar eigen kerk wendt de kuise Sint Agnes haar gezicht van dit aardse tafereel af. De heiligen hebben het in Rome allang niet meer voor het zeggen. Beneden wordt gefeest.Naast de Fontana del Moro wordt Laurens, een van mijn braafste leerlingen, door de carabinieri gearresteerd. Astrid, zijn klasgenoot en een half Italiaanse, ons 'vocabolario con il cuore', probeert in haar moedertaal de boel te sussen, maar de twee mannen in hun gelikte pakken zijn niet te vermurwen. Het is een verloren zaak. Laurens heeft zijn hoofd in zijn geheel in Bernini's beroemde fontein gestopt en moet mee naar het bureau. Terwijl de fanfare opzwepend naar de climax van de bolero toewerkt en Sophie nietsvermoedend verder danst, verdwijnt Laurens in de politiewagen. Hij heeft humor. Als de wagen wegrijdt, drukt hij theatraal zijn gezicht en handen tegen de achteruit. Zijn leraar Nederlands kan hem alleen maar nazwaaien.

dinsdag, april 10, 2007

Koen


Dit is Koen. Acht maanden oud. Hij is een kleine koning met een fantastische papa en mama. De ware kenner herkent de speen. Kijk die kerel gelukkig zijn. Ja, Koen, die komt er wel.

maandag, april 09, 2007

Pasen

Na het voetballen (thuis tegen Groningen 0-4) haast ik me naar Gouda voor het paasdiner met de familie. Aan tafel hebben we het al snel over 'het geloof'. Zelf snap ik daar elke dag minder van. Mijn bezwaar tegen religie is het superioriteitsdenken dat het hoe dan ook veroorzaakt. Marieke echter gelooft zonder te weten of haar geloof het juiste is. 'Het kan zomaar zijn dat God toch tegen homo's is,' zegt ze glimlachend. Zij denkt in elk geval van niet. Het is benijdenswaardig, maar ook vrijblijvend. De gelovigen aan tafel zeggen mij ook hun geloof te gunnen. Wat maakt ze zo zeker dat ze er beter aan toe zijn dan ik? Dat ze mij dat ook gunnen? Zij hebben iets wat hun leven beter maakt. De meerwaarde van het geloof. Wat het precies is, dat is het moeilijke. Voor mijn moeder is het een ervaring, een gevoel, een belevenis. Dat behoeft geen beredeneer. 'Als je daar niet naar zoekt, kun je het niet vinden,' zegt mijn vader. Ik ben jaloers. Ik ben doodsbang voor de dood. Ik wil daar weleens vanaf. Maar tussen het geloof en deze Beute staan zo vaak praktische bezwaren. Wat dan overblijft, zijn al die mooie verhalen. Jezus, de zoon van God, is gemarteld en vermoord en heeft daarmee de zonden van de mensheid weggespoeld. Dat is de ultieme daad van naastenliefde. In een symbool. Een levende God en een wederopstanding maken het nauwelijks mooier of krachtiger. Naastenliefde kan het heel goed zonder af.

zaterdag, april 07, 2007

koortsdroom

'Mag ik wat vragen?' Jeroen en ik knikken. We zitten bij Greve in de zon op het terras. Glaasje Grolsch erbij. Het leven is goed. Het meisje wijst naar de Grote Kerk en vraagt: 'Is dat de Grote Kerk?' We knikken opnieuw en bedenken nadat ze zich heeft omgedraaid goede toeristenvragen. Is dat de Eiffeltoren? Deze brug, waar we nu opstaan, is dat de Tower Bridge? Sorry, kunt u mij misschien vertellen of dat beeld daar, of dat het Vrijheidsbeeld is? Waren dat de Twin Towers?
Laat in de nacht fiets ik door de stad. De voorzichtig licht beschonken toestand waarin ik verkeer maakt de werkelijkheid van de stad bij nacht een geprojecteerde film. De muziek van mijn iPod versterkt dat zweverige gevoel. De soundtrack. In drie seconden transformeert de binnenstad van Den Haag van onheilspellend (Leonard Cohen: the future) in koortsachtig hip (Arctic Monkeys: red light indicates doors are secured). In bed droom ik dat ik de mysterieuze moord op de familie Clutter in 1959 in Kansas heb opgelost. De vrouwelijke rechercheur die ik van mijn ontdekking op de hoogte breng is nauwelijks onder de indruk. 'Ik heb het boek ook gelezen,' zegt ze, wijzend op een versie van In Cold Blood die uit de zak van mijn colbert steekt. 'Aha,' zeg ik teleurgesteld en word wakker. Stille Zaterdag. Dan mag je de hele dag ongeneerd naar de Mattheus Passion luisteren. Die werd gisteren uitgevoerd in de Grote Kerk in Den Haag, daar was een leuk, dommig meisje bij, maar dat terzijde.

dinsdag, april 03, 2007

Konijn

Blaak komt tijdens het derde uur mijn lokaal binnen. 4A. Poezie. Op het bord staat een gedicht van Mustafa Stitou geprojecteerd. Hij kent het niet, maar weet wel meteen naar welk plaatje het verwijst. 'Dat ken je toch wel?' Ik knik een beetje beduusd, ik weet inderdaad dat het naar een tekening verwijst, maar heb die bewuste tekening eigenlijk niet zo voor ogen. Ik lieg van wel. 'Je moet ze dat na de bespreking wel laten zien,' zegt hij, 'dat is mooi.' Voor de zekerheid zoek ik het na de les direct op. O ja. Natuurlijk zal ik het de volgende les meenemen, het geeft me de mogelijkheid om te vragen of het gedicht er beter van wordt. Het antwoord is natuurlijk nee, nee, nee! Integendeel. Dat plaatje had niet moeten bestaan. Het gedicht wel. Dat gaat helaas niet.

Koppig

- En, wat zien we?
- Een konijn natuurlijk!
- Een konijn. En?
- En? Ik zie een konijn.
- En tegelijkertijd een...?
- Konijn zeg ik toch!
- Eend.
- Eend?
- Oren snavel zie je wel?
- Ik zie alleen een konijn.
- En een eend.
- Een konijn!
- Eend!
- Konijn!
Konijn konijn konijn!